[English version below]

Een nieuw ambacht! Haha zo noemen ze het. Maar het mouten bestaat al een tijdje hoor! Eigenlijk moet je zeggen: brouwen. Biér brouwen. Een prachtig werkje dat begint met graankorrels die ontkiemen en dan gedroogd moeten worden. Het mouten. Franeker is al jaren een vluchthaven voor doopsgezinden Vlamingen, Hollanders….

Er zijn nogal eens wat irritaties met zoveel verschillende mensen, maar we werken hard en we hebben onze geldzaken goed op orde! Nee, zo nieuw is het bierbrouwen niet. Net als het verven van lakens en leerlooien. Maar sinds wij als dopersen hier zijn en deze beroepen uiten, merk ik wel dat de stad en haar handel ópleven. Daar mag men wel wat trotser op zijn!

Jaloezie dat krijgen we vaak op ons dak. We zijn van een andere kerk. Omdat we volwassenen dopen. Misschien dat we ooit nog een eigen gebouw krijgen, in plaats van die huiskamerbijeenkomsten. Eigenlijk is mijn Mouterij wel een goed idee! Laat ik dat snel eens bespreken!

Malt maker Pieter (1615) – New crafts in the city.

A new craft! Haha, that’s how they talk about it. But this malting is not that new, you know. In fact one should say: brewing. The brewing of beer. A lovely job that starts with grain granules. They have to germinate and next they have to be dried. The malting.

For years, Franeker used to be a refuge for anabaptists, Flemings and Dutchmen…
There may regularly be vexations, with so many different people, but they all work hard and we take good care of our financial business!
Oh no, the brewing of beer is not that new. Neither is the dying of textiles, or the tanning of leather. Since we baptists arrived here and introduced these crafts, the town and the trade experience a revival. People should be more proud of that!

Jealousy, that’s what we often get. We’re from a different church. Because we’re baptizing adults. Maybe someday we’ll get an own church building, in stead of these livingroom ceremonies. My malthouse might be a good location! I’ll discuss this one of these days.